Petrus-Johannes VereeckenHet orgel in de kerk Onze-Lieve-Vrouw ten hemel opgenomen te Overmere werd gebouwd door de familie Vereecken, orgelmakers te Gijzegem.

De firma werd ongeveer anderhalve eeuw geleden gesticht door Petrus Johannes Vereecken ( 21/03/1803 - 14/04/1889 ), schrijnwerker van beroep. Orgelmaker werd hij vermoedelijk door zelfstudie.
Hij was de zoon van Pieter Vereecken (1770 - 1860) en kleinzoon van Andreas Vereecken (1727 - 1801), afkomstig uit Sin-Job-in-'t Goor en koster te Mespelare van 1756 tot 1801. Zijn
vader was een veelzijdig man. Hij was o.m. landbouwer, wagenmaker, herbergier, landmeter en ... dichter!
Hun huis bestaat nog steeds. Het is de hoeve (toen ook herberg) 'De Ezel' genaamd te Mespelare vlak bij de grens met Gijzegem.
In dit huis heeft Petrus Johannes ooit zijn eerst orgeltje gebouwd. Dit was het eerste van de ruim 60 (!) instrumenten die door Petrus Johannes en later door zijn zonen Felix (1844 - 1923),
Jan (1846 - 1929), Lodewijk (1849 - 1896) en Pieter (1851 - 1934) zouden gebouwd of verbouwd worden.

Veel instumenten werden intussen geklasseerd omwillen van hun grote waarde. Een aantal ervan zijn gerestaureerd en worden nog geregeld bespeeld tijdens orgelrecitals. Een paar instrumenten gingen naar Nederland en één zelfs naar het eiland Guernsey.

Het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog zou een abrupt einde maken aan de activiteiten in de orgelbouwerij. De grondstoffen werden schaars of waren niet meer voorradig. Lood, tin, koper,
hout, leder, allerlei onderdelen die voor de oorlog o.a. door de firma Laukhuff uit Duitsland geleverd werden waren niet meer te krijgen.
Hun laatste orgel was dat van het Sint-Hendrikscollege te Deinze. Het werd in 1921 voor het resterende kwart afgewerkt door orgelbouwer Daem uit Appelterre.

Bron : heemkundige kring Gijzegem, Walter De Hul.

Het Orgelcomité kreeg van de heemkundige kring Gijzegem de toelating om dit artikel te publiceren op de website.

DE ORGELBOUWERS VEREECKEN - GIJZEGEM [1]

Tussen circa 1845 en 1924 waren twee generaties Vereecken werkzaam  als orgelbouwers. Ze waren gevestigd in Gijzegem en hun werkgebied  omvatte vooral het oostelijk deel van Oost-Vlaanderen. Hun werklijst vermeldt zowat 38 nieuwe orgels. Daarnaast werden aan talrijke bestaande orgels transformaties en onderhoudswerken uitgevoerd [2].
Vereecken-instrumenten worden zeer gewaardeerd om hun verzorgde constructie en om het gebruik van zeer degelijke materialen. De pijpen werden gemaakt in eigen atelier. Voor het  houtsnijwerk, ook uit eigen atelier, gebruikten ze kwaliteitshout zoals eikenhout en pitchpine. De gedeelde bouw  zoals die reeds bij Van Peteghem voorkwam, paste ook het atelier Vereecken toe, maar eerder sporadisch. Bij gedeelde  bouw wordt de orgelkast in twee helften gedeeld, aan weerszijden van het doksaal, zodanig dat het raam daar vrij blijft. Voorbeelden hiervan zijn het orgel in de Onze-Lieve-Vrouw Bijstandkerk in Aalst (Mijlbeek)(1910) en dat in de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Wortegem (1911).

Andreas Vereecken, zoon van Jan en stamvader van de orgelbouwersfamilie Vereecken, werd geboren in Sint-Job-in-'t-Goor in 1730. Hij was koster in Mespelare vanaf 1756. Hij kocht er in 1746 het Spaans Hof. In februari 1757 trad hij in het huwelijk met Catharina de Wael (Geb. Mespelare 6-9-1735 - O. Mespelare 22-2-1768). Uit dit huwelijk  werden acht kinderen geboren, waarvan er twee vroegtijdig stierven. Andreas Vereecken huwde opnieuw op 4 mei 1768, met Marie-Joanna Grysoille (Geb. M.  9-12-1742 - O. M. 1-11-1802). Uit dit huwelijk bleven eveneens zes kinderen  in leven waaronder Bernardus (Geb. M.  15-5-1778 - O. M. 10-12-1856) en Petrus-Joannes sr. ( Geb. M. 15-1-1770 - O. M. 29-11-1855), landbouwer,  wagenmaker, landmeter, herbergier, dichter, volgens sommigen  ook nog dorpschirurgijn en ... vader van Petrus­Joannes jr. (Geb. 1803 - O. 1889), de latere orgelbouwer.
Bernardus was de vader van Alexander Josephus (Geb. M. 11-6-1803 - O. Berlare 11-8-1865), de latere koster van Berlare. Andreas overleed in april 1801 in Mespelare.
Petrus-Joannes sr. volgde hem op als koster. Hij huwde met Catharina De Bruyn (Geb. Appels 1777 - O. M. 15-1-1836) [3].